• Steinerpedagogie, een andere weg
• Rudolf Steiner en het antroposofisch mensbeeld
• De basisdoelstelling van de Rudolf Steiner pedagogie
• De eerste R.Steinerschool
Steinerpedagogie, een andere weg
De opdracht van het onderwijs is te werken aan de ontwikkeling van de gehele persoonlijkheid van het kind.
Wij vinden dat een school vooral niet moet dienen om kinderen zo om te vormen, tot ze naadloos in de bestaande samenleving passen.
De vraag die wij ons stellen is eerder: hoe kunnen deze kinderen zich dusdanig ontplooien, dat ze als vrije en zelfbewuste
mensen in staat zullen zijn vanuit zichzelf iets nieuws en verfrissends aan onze samenleving toe te voegen?
Een totaal ander uitgangspunt!
Onderwijzen betekent, in de huidige maatschappij , steeds meer, opvoeden. Dit houdt in dat de vermogens die in elk kind
sluimeren zich optimaal moeten kunnen ontplooien en dat belemmeringen in de ontwikkeling worden overwonnen.
(terug naar boven)
Rudolf Steiner en het antroposofisch mensbeeld
Rudolf Steiner werd op 27 februari 1861 geboren als zoon van een Oostenrijkse spoorwegbeambte. Zijn denken en inzichten over de mens en zijn relatie met de wereld leidden tot veranderingen op wetenschappelijk, cultureel en maatschappelijk vlak.
Antroposofie betekent letterlijk ' wijsheid van het menszijn'. Een mens is meer dan een verzameling botten, spieren en organen bij elkaar, hij is veel meer dan een product van zijn erfelijke factoren en zijn sociaal milieu. R. Steiner verwijst naar de mens als de drieledige mens :hij bestaat niet alleen uit een lichaam, maar ook uit een ziel en een geest. Door middel van zijn lichaam neemt de mens waar : de wereld wordt geproefd, geroken, gehoord, gezien en betast. De ziel geeft aan deze zintuiglijke observaties een gevoel, een waarde : de ziel ervaart vreugde of verdriet, vindt iets dat gegeten wordt lekker of vies, vindt iets hard of zacht aanvoelen. De ziel is de verbinding tussen lichaam en geest. De geest doet je beseffen dat er meer is dan wat je in je directe omgeving ziet, dat de wereld niet hoeft op te houden bij het puntje van je neus. Door de geest kan de mens afstand nemen van het louter subjectieve, het persoonsgerichte en het eigenbelang. De geest zoekt naar het blijvende, naar het wetmatige achter de dingen.
R. Steiner had waargenomen dat met het sterven van het lichaam, de ziel en de geest niet verdwijnen maar terugkeren en opnieuw geboren worden. Dat betekent dat een kind niet geboren wordt 'als een onbeschreven blad', maar met een verleden, met bepaalde ervaringen, eigenschappen en vaardigheden.
Dit kind kan enkel de kwaliteiten die het in zich heeft ten volle ontwikkelen onder bepaalde omstandigheden aangepast aan dat kind. Het is te vergelijken met een plant die na bloeien zaadjes vormt en zelf verwelkt. Het zaadje lijkt dood maar in de lente van het volgend jaar komt ze terug tot leven. Het zal pas echt een mooie, levenskrachtige plant worden wanneer het kan groeien in de juiste grond, met de juist hoeveelheid water en licht, maw in omstandigheden die horen bij die plant.
In een opvoeding volgens de R.Steinerpedagogie worden er steeds situaties gecreëerd en activiteiten georganiseerd waardoor een kind de kans krijgt om zich volledig te ontplooien.
(terug naar boven)
De basisdoelstelling van de Rudolf Steiner pedagogie.
"De vraag is niet, wat de mens moet weten en kunnen om zich in de bestaande sociale orde te kunnen voegen; maar wel, wat er in aanleg in de mens aanwezig is en in hem ontwikkeld kan worden. Dan wordt het mogelijk dat de opgroeiende generatie aan de maatschappij steeds nieuwe krachten toevoegt. Dan zal in deze maatschappij datgene leven wat de in haar tredende volwaardige mensen scheppen; uit de opgroeiende generatie mag niet datgene gemaakt worden wat de bestaande maatschappij van deze generatie maken wil."
In dit citaat van R. Steiner wordt de doelstelling van de R. Steiner-pedagogie weergegeven in haar relatie tot de maatschappij. De opvoeding moet niet uitgaan van abstracte doelstellingen, maar van de opgroeiende mens. De doelstelling van de opvoeding is de jonge mens zo te ontwikkelen dat hij een innerlijk vrij en zelfstandig wezen wordt, dat in staat is de verantwoordelijkheid voor het eigen handelen te nemen.
Jonge kinderen moeten niet opgevoed worden voor een maatschappij zoals die er nu uitziet, maar zoals die er binnen twintig of dertig jaar zal uitzien. Maar niemand kan voorspellen hoe dat zal zijn. Het opvoeden om in die maatschappij te kunnen functioneren betekent dan het zo goed mogelijk ontplooien van de mogelijkheden die elk kind in zich heeft. Het is in het voordeel van de samenleving wanneer mensen in staat zijn om als verantwoordelijk individu in die samenleving keuzes te maken, wanneer mensen kunnen oordelen en hun talenten kunnen inzetten en verder ontwikkelen - of nieuwe talenten ontwikkelen.
Uiteraard kunnen de mogelijkheden van het kind slechts ontwikkeld worden via het verwerven van concrete kennis, inzichten, vaardigheden en attitudes. Het is inderdaad niet mogelijk als een vrij en verantwoordelijk individu te functioneren in een concrete samenleving als bepaalde inzichten en kennis ontbreken, als bepaalde vaardigheden niet worden beheerst. Maar het gaat niet alleen om die aangeleerde kennis, inzichten en vaardigheden. Er moet gestreefd worden naar een zo groot mogelijke veelzijdigheid en een brede ontwikkeling.
(terug naar boven)
De eerste R.Steinerschool
De eerste R. Steinerschool werd opgericht op vraag van Emil Molt, directeur van een sigarettenfabriek in Stuttgart. Zijn dagelijkse omgang met de arbeiders in de fabriek deed hem beseffen, dat de uitzichtloze situatie van deze mensen onder andere te wijten was aan hun gebrek aan algemene vorming. En dat kwam doordat zij al heel jong zijn gaan moeten werken. Elke kans tot verdere ontwikkeling- beroepsmatig of algemeen menselijk - werd hen zo ontnomen. Om hen die algemene vorming te bieden, stichtte E. Molt een soort bedrijfsschool voor de arbeiders. Maar al gauw bleek dat de arbeiders de toekomst van hun kinderen belangrijker vonden dan die van henzelf. Rudolf Steiner werd gecontacteerd om een school voor arbeiderskinderen op te richten. Het moest een plaats worden waar kinderen ‘alles konden leren wat met het leven te maken heeft’. In september 1919 opende de eerste 'Waldorfschool' haar deuren met 12 leerkrachten, 8 klassen en 256 leerlingen.
Vandaag de dag zijn er verspreid over de hele wereld zo’n 800 Rudolf Steinerscholen, ook wel Vrije Scholen(in Nederland) of Waldorfscholen (in Duitsland en de rest van de wereld) genoemd. In elke R. Steinerschool worden de activiteiten in de klas bepaald door de pedagogische uitgangspunten voortvloeiend uit de antroposofie geïntegreerd met de sociale en culturele stromingen ter plaatse. R. Steinerscholen kunnen overal ontstaan - overal waar ouders en leraren bereid zijn, samen kinderen zo op te voeden dat zij de vaardigheden kunnen verwerven die zij nodig hebben voor hun eigen actieve rol in de wereld. In Vlaanderen zullen die vaardigheden en de ontwikkeling ervan anders zijn dan bijvoorbeeld bij de Indianen in het Dakota-reservaat in Zuid-Dakota.
De eerste Belgische R. Steinerschool werd in 1948 in Antwerpen gesticht. Momenteel kan men op verschillende plaatsen in Vlaanderen de volledige schoolloopbaan voltooien in de R. Steinerpedagogie. Er zijn kleuter-, lagere en secundaire scholen en ook in buitengewoon onderwijs is voorzien.
(terug naar boven)